U bent hier

WRR houdt ons bij de les

Eerste paal geslagen in Veenendaal
Door: 
Thomas Hessels, BZK/DGWB/K&V
05-12-2014
Geplaatst in: 
Foto: 
Promotie Veenendaal

Dat burgerinitiatieven een geweldig arsenaal aan maatschappelijk kapitaal blootlegt hoef ik aan de lezers van deze website niet uit te leggen. Wie zijn ogen in de eigen omgeving de kost geeft, ziet genoeg nieuwe, energieke ontwikkelingen op dit gebied. Mijn hoofdpijn zit bij de vraag hoe we die energie vasthouden en dusdanig borgen dat hij ‘here to stay’ blijft. Daar is nog te weinig debat over. Dan is het prettig dat we een Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) hebben die dat eens gedegen uitzoekt. Wat gebeurt er aan maatschappelijke initiatieven op het snijvlak van wonen, zorg en pensioenen, vroeg de WRR zich af, en welke lessen zijn daar uit te trekken? Geen klein bier, maar grote taakvelden waar enorme sommen geld in omgaan. 

De conclusies van de WRR zijn helder: Het potentieel van maatschappelijke initiatieven op die gebieden kan niet zonder actieve medewerking van de overheid. Die kan ontwikkelingen stimuleren door experimenten te initiëren, maar ook waarborgen verschaffen door in te staan voor risico’s, of door professionele ondersteuning aan te bieden. Of wat te denken van een Kennisbank Wonen, Zorg en Pensioenen? Ook marktpartijen  (zorgverzekeraars, banken, pensioenfondsen) kunnen meedoen met burgerinitiatieven in de vorm van administratieve en juridische ondersteuning, zelf investeren, of kennis uitwisselen doorheen onderscheiden belangen en taakvelden. Wat de WRR in wezen zegt, is dat burgerinitiatieven (althans in de sectoren waar het advies over gaat) niet kleinschalig en onafhankelijk moeten opereren, maar in dienen te zetten op samenwerking met overheid en marktpartijen. 

En hier ligt meteen de crux, die helaas mijn hoofdpijn voorlopig niet weg neemt. Als we ons teveel richten op de zegeningen van het zoveelste burgerinitiatief, lopen we risico dat het zich niet nestelt in de systemen van de veranderende samenleving, maar een verschijnsel in de marge blijft. De zwakke plekken van het burgerinitiatief zijn gebrek aan financiële middelen, focus op een eigen belang, in/uitsluiting van deelnemers, steunend op het charisma van een individu. Die zwaktes zijn alleen te repareren als burgers zich weten te organiseren in nieuwe maatschappelijke verbanden die een stevige stoel aan de onderhandelingstafel weten te bezetten. Wat is er tegen als zich een nieuw maatschappelijk middenveld ontwikkelt dat in staat is de belangen van grote groepen mensen te behartigen, zoals we die kenden vóór de opkomst van de verzorgingsstaat? 

Een dergelijke ontwikkeling naar vergroting in schaal en invloed lijkt me meer perspectief bieden voor behoud van burgerparticipatie, dan inzetten op inspraak via buurtrechten en dergelijke. Het eerste zet in op het primaat van de burger, het tweede blijft zich onherroepelijk bewegen in de schaduw van de verzorgingsstatelijke overheid. Dat is niet verkeerd, maar kan snel hetzelfde lot beschoren zijn als de democratiseringsbeweging uit de jaren ’70 van de vorige eeuw: een tijdelijke mode die vanzelf weer verdwijnt. Ziehier het belang van het WRR-rapport. Ik hoop dat het de opmaat is voor nog meer van dergelijke studies. 

WRR (2014) Op maat voor later. Maatschappelijke initiatieven op de snijvlakken van wonen, zorg en pensioenen. Te downloaden vanaf de website www.wrr.nl